<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>

<rss version='2.0'>
 <channel>
  <title>queenb99.nl</title>
  <link>https://queenb99.nl/</link>
  <description>queenb99.nl</description>
  <lastBuildDate>Mon, 12 Oct 2026 11:47:17 GMT +0200</lastBuildDate>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Boeddisme en Tao&#239;sme&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3594</link>
   <description> 
 
 
 
Zondag, 11 oktober 2026
 
Ipoh – Pangkor
 
Wat een bewondering krijg ik voor de ondernemingszin van William Kellie Smith, de Schot achter het onvoltooide Kellie’s Castle bij Batu Gajah, niet ver van Ipoh. Het gebouw is een bezienswaardigheid, maar vooral een tastbare herinnering aan de tomeloze ambitie van één man. Als ik die grootse plannen zie, vermoed ik toch ook een vleugje grootheidswaan.
 
Kellie kwam in 1890 als twintigjarige naar Malaya en verdiende zijn eerste geld met wegenbouw en landmeetwerk. Daarna stortte hij zich op allerlei ondernemingen. Zijn koffieplantage kwam in moeilijkheden toen de koffieprijs instortte, en ook een distilleerderij voor geurstoffen werd geen succes. Maar hij bleef nieuwe mogelijkheden zien. Rubber en tin brachten hem uiteindelijk wel voorspoed.
 
Zijn huwelijk met Agnes, een vermogende erfgename, gaf hem meer financiële ruimte, al kwam haar erfenis later beschikbaar dan verwacht. Intussen liepen de schulden op. Een verzoek om een overbruggingslening bij de koloniale overheid leverde veel minder op dan gehoopt, tot grote ergernis van Kellie. Het beeld van een ondernemer die voortdurend werd tegengewerkt, is echter te eenvoudig: diezelfde overheid had hem eerder grond onder gunstige voorwaarden ter beschikking gesteld.
 
Rond 1915 begon hij aan zijn grootste bouwdroom, mogelijk mede geïnspireerd door de geboorte van zijn zoon Anthony. Een paleisachtige woning met Indiase invloeden, een wijnkelder, een geplande lift en ruimte voor vermaak op het dak. Niets leek hem te groot. Indiase arbeiders en vaklieden werkten aan het gebouw, totdat de Spaanse griep onder hen slachtoffers maakte. In die periode hielp Kellie zijn arbeiders bij de bouw van een hindoeïstische tempel.
 
Het definitieve einde kwam in 1926, toen hij tijdens een verblijf in Lissabon op 56-jarige leeftijd aan een longontsteking overleed. Agnes keerde niet meer terug naar Malaya en het kasteel bleef onvoltooid achter. Zo loop ik hier door de bouwdroom van een man die telkens opnieuw begon, tegenslagen incasseerde en zijn ambities bleef uitbreiden. Een ondernemer naar mijn hart, al vraag ik me bij het zien van dit enorme bouwwerk af waar ondernemingszin overgaat in grootheidswaan.
 
Van het kasteel gaat de tocht naar de Chinese tempels die in en rond de kalksteengrotten zijn gebouwd. Boeddhisme en taoïsme komen hier samen. Het boeddhisme legt de nadruk op het begrijpen en verminderen van het lijden, op mededogen en geestelijke bevrijding. Het taoïsme draait om leven in harmonie met de Tao, de natuurlijke orde. In de Chinese geloofspraktijk lopen die tradities vaak door elkaar.
 
De uitbundige kleuren en de strenge gezichten van sommige beelden overdonderen me. Nog meer verbazen me de voorstellingen van de hel, waar mensen rekenschap moeten afleggen van hun leven. Op de afbeeldingen die ik bekijk, lijken vooral vrouwen helse folteringen te ondergaan. Het roept bij mij vragen op: hoe verhouden zulke gruwelijke taferelen zich tot het mededogen dat in het boeddhisme zo centraal staat? Misschien mis ik de betekenis van bepaalde voorstellingen, maar de tegenstelling houdt me bezig.
 
Deze twee uitstapjes maken mijn overnachting in Ipoh meer dan de moeite waard. Ik geniet van wat ik heb gezien en geleerd en ben vroeg terug aan boord. Daar sprankelt de energie alweer door mijn aderen en pak ik flink wat klussen aan. De vertrekdatum komt in zicht en er moet nog heel wat gebeuren.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 11:47:17 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Volle toeristendag&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3593</link>
   <description> 
 
Zaterdag, 10 oktober 2026
 
Ipoh
 
Vroeg op en meteen realiseer ik me dat dit weer eens een ondoordachte actie is. Het ene moment bedenk ik dat er bijna geen tijd meer over is en in een flits besluit ik er toch een dag tussenuit te knijpen. Het moet tenslotte ook vakantie zijn. Overigens mag ik helemaal niet klagen: het klussen, afgewisseld met golfen en andere bezigheden, bevalt me uitstekend. Dit leven zou ik nog een hele tijd kunnen volhouden. Maar de hotelkamer is geboekt, dus ik moet gaan.
 
De auto in en op zoek naar een tankstation waar ik een tolkaart kan kopen. Een heel geharrewar, want de mensen die ik ernaar vraag, zeggen dat ik helemaal geen kaart nodig heb. En ik weet toch zeker dat dat wel zo is. Het zijn weer van die conversaties waarin een duidelijk nee of niet nauwelijks voorkomt. Rechtstreekse vragen worden omzeild met een heel verhaal waar ik soms geen touw aan vast kan knopen. Dan maar vertrouwen op de dames die zeggen dat het niet nodig is, en op naar Ipoh.
 
Natuurlijk doemt er een tolpoort op. Bij mezelf begin ik al wat krachttermen te gebruiken, maar ik doe alsof ik van een andere wereld kom en houd mijn Visakaart tegen de betaalautomaat. Die wordt uiteraard geweigerd. De eerste hulp bij imbecielen komt op me af en legt uit dat ik een Touch ’n Go-kaart nodig heb. Met mijn raam open en een hulpeloze buitenlandse blik laat ik me tegen het verkeer in naar een loket sturen. Daar bekijkt een dame mijn Visakaart en geeft hem terug. Paspoort graag. Ze schrijft een briefje uit voor het eindpunt en vraagt nog of het voor één auto is. Vanbinnen bijna gillend van plezier antwoord ik stoïcijns: ‘Ja, voor één auto.
 
De weg is prachtig, maar de hele gang van zaken roept nogal wat vragen op. Hoe kan het dat geen enkel tankstation zo’n tolkaart kan leveren? Is die voorbehouden aan een select gezelschap? Iedereen verwijst me naar 7-Eleven, maar ook daar krijg ik nul op het rekest. Ben ik de enige die voor het eerst een tolweg op wil?
Bij de afslag Ipoh rijd ik rechtstreeks naar het loket. Opnieuw worden mijn paspoort en kenteken gevraagd. Ze zijn zeker bang dat ik onderweg van auto ben gewisseld. De dame is overigens heel gedienstig en rekent me voor de hele rit omgerekend vijftig eurocent af.
 
In de stad is het druk. File op file voordat ik het hotel bereik. Gelukkig kan de auto onder het hotel worden geparkeerd. Daarna wandel ik naar Concubine Lane. Waar anders? Ik ben niet de enige. Het is een druk straatje waar de minnaressen van de tinbaronnen het veld hebben geruimd voor restaurantjes en snuisterijenwinkels. Opvallend veel westerlingen komen hier samen.
De Chinese geschiedenis van Ipoh is overal zichtbaar. Veel arbeiders die ooit naar de tinmijnen kwamen, zijn met hun families gebleven. Hun nakomelingen vormen hier een hechte gemeenschap. Op straat hoor ik veel Cantonees en bij sommige gesprekken kom ik met Engels nauwelijks verder. Ik vraag me even af wie zich hier eigenlijk aan wie moet aanpassen. Eten kunnen ze in ieder geval voortreffelijk. Mijn lunch bestaat uit eend met rijst en Shanghai-paksoi.
 
Wandelen door een stad is kilometers maken, ontdekken, straat in en straat uit. Ik loop naar het mooie station uit de Britse koloniale tijd, de klokkentoren en het statige gebouw waarin nu een kunstmuseum is gevestigd. Helaas is het gesloten. Mijn shirt is inmiddels doorweekt van het zweet en ik besluit mijn zoektocht naar een tolkaart voort te zetten. Van het kastje naar de muur, totdat ik na zes kilometer lopen eindelijk een 7-Eleven vind die de kaart wel heeft. Missie geslaagd. Terug naar het hotel voor een rustmoment en een uitgebreide douche.
 
’s Avonds drink ik een biertje in een wijnbar, naast een luidruchtig verjaardagsgezelschap van Chinese mannen. Gezellig, maar mijn gehoorapparaat meldt op mijn telefoon dat de geluidsgrens wordt overschreden. Het toeristenboekje beveelt Ipoh Tuck Kee aan, dus daar wandel ik vervolgens naartoe voor een hapje. Een echte straattent, die me doet denken aan de Chinees op de Zeedijk. Het eten is voortreffelijk: kleine inktvisjes en taugé met kip.
Op de terugweg verdwaal ik. Ik kom in vreemde wijken terecht en maak opnieuw zo’n vijf kilometer extra. Dan begint het ook nog te stortregenen. Na al die warmte kan het me eigenlijk niets schelen. Ondanks de onbekende straten voel ik me geen moment bedreigd, al ben ik uiteindelijk toch blij als ik weer op mijn kamer sta.
 
Ipoh draagt de sporen van een rijk verleden in de tinwinning. Statige koloniale gebouwen en mooie Chinese panden herinneren aan die welvaart, al verkeren sommige duidelijk in verval. De grote bloeitijd van de tinindustrie is voorbij, maar de stad blijft belangrijk als hoofdstad van Perak. En alleen al voor het eten is een bezoek de moeite waard: dimsum, taugé met kip en kleine inktvisjes.
 
Een volle toeristendag. Terug op de kamer meldt mijn horloge dat ik mijn bewegingsdoelen ruimschoots heb verdubbeld. Dat krijg je ervan als je een stad wilt ontdekken en de terugweg niet meer weet. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Sun, 11 Oct 2026 11:33:17 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Eindeloos gevecht&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3592</link>
   <description> 
 
 
Vrijdag, 9 oktober 2026
 
Pangkor
 
 
Op de golfbaan begint de vermoeidheid me parten te spelen. Ik breek de sessie af uit ergernis over de gemiste slagen en het verlies van een onbehoorlijk aantal ballen. De laatste slag was nog wel zo mooi: kaarsrecht vooruit. Maar bij het landen stuiterde de bal alsnog over de harde ondergrond rechts het water in. Dat was de druppel die de emmer deed overlopen.
 
Vanochtend ben ik druk geweest met allerlei projecten. Eerst de buitenboordmotor aan de gang maken, want die heeft zes maanden stilgestaan. Ook dit motortje slaat direct aan. De fietsbanden oppompen met de nieuwe pomp en een testrit maken over het terrein. De rijwind voelt heerlijk koel aan en achteraf heb ik spijt dat ik de fiets zo weinig heb gebruikt.
 
Een nieuw stekkerblok aanleggen, want het vorige was ontploft. De bakskist leegmaken, de kabel doortrekken, een nieuwe stekker eraan, de hoes over de vouwfiets en de bakskist weer volladen. Alles zo opbergen dat ik er voor vertrek niet meer aan hoef te komen. De windvaan van de as halen om het mechaniek te reviseren. Na twintig jaar trouwe dienst op volle zee zijn enkele onderdelen ingesleten en is het geheel wat onnauwkeurig geworden, met grotere uitslagen op zee tot gevolg. De ventilatoren, die een hoop stof op hun schoepen verzamelen, schoonwassen en wat olie op het houtwerk aanbrengen. Het blijft een eindeloos gevecht om de boel op orde te houden.
 
Joe, de nieuwe interim-zaakvoerder van de haven, komt een praatje maken. Een aardige vent. Ik heb al heel wat vervelende dingen over hem gehoord, maar alles wat nieuw is, wordt door de bestaande medewerkers al snel als een bedreiging gezien. Ik heb in het verleden niet anders meegemaakt.
 
En dan maak ik weer een bokkensprong door ChatGPT te vragen of Ipoh een bezoek waard is. De enthousiaste reactie doet me besluiten om toch nog snel een uitstapje te organiseren. Het tinverleden en de grandeur die de rijkdom moet hebben achtergelaten, maken me nieuwsgierig.
 
Bij de strandbar drink ik een biertje en erger ik me aan het gedrag van het personeel, dat waarschijnlijk op resultaat is aangenomen. Als mijn glas nog halfvol is, komen ze al vragen of ik er nog een wil. Na de derde keer reageer ik geërgerd en dat houdt hen even op afstand. Vijf minuten later komt een andere ober, alsof er niets is gezegd, nog eens vragen of ik een biertje wil. Ik schud braaf nee en moet in mezelf lachen. Dit is nou typisch lokaal gedrag.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Sat, 10 Oct 2026 13:38:31 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Smoes van de warmte&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3589</link>
   <description> 
 
 
Dinsdag, 6 oktober 2026
 
 
 
Pangkor
 
 
In mijn vaste stoel aan de strandtafel, weg van de muziek, kom ik bij van een prima dag. Zojuist terug van het golfen, waar het op de eerste hole, een par 4, meteen raak was. Een par! Daarna werd het weer middelmatig, maar wat kan ik hiervan genieten. De buggy brengt me telkens naar een hoger plan en de baan loopt vervolgens weer naar beneden, zodat het toch een makkelijke baan moet zijn. De smoes van de warmte kan ik niet gebruiken, want het koele zeewindje dat tegen de helling op klimt en de rijwind van de buggy maken het goed bespeelbaar. Veel aangenamer dan in de haven, waar het opnieuw smoorheet is. De sympathieke dame van drie maanden geleden is nog steeds op haar post en heet me hartelijk welkom. Zo voelt het toch een beetje als thuiskomen.
 
 
Op de radio heeft men het over ondersteunende maatregelen om tegemoet te komen aan de gestegen brandstofprijzen en het duurdere levensonderhoud. In één adem wordt gemeld dat Min Aung Hlaing, de militaire leider van Myanmar, op bezoek is om gevluchte Myanmarezen terug naar huis te laten sturen. Er is veel kritiek op deze dictator en men vreest voor het lot van de mensen die worden teruggestuurd.
 
Vanochtend ruim ik de tafels vol onderdelen op. Ik repareer wat er te repareren valt en breng alles terug naar zijn vaste plaats. Een batterij in de voltmeter, de verbinding van de stuurautomaat verbeteren en de apparatuur opstarten: AIS, GPS, VHF en kaartplotter. Al snel zie ik dat de Queen B op MarineTraffic netjes op haar plaats ligt en niet in Dintelmond.
 
Bij Wise ontdek ik iets nieuws. Ik gebruik de kaart al om voordelig euro’s naar andere valuta om te zetten, maar via de app kun je ook een factuur scannen. Wise vult vervolgens de betaalgegevens automatisch in. Nog even controleren en bevestigen, en de betaling is gedaan. Geen gestuntel meer met SWIFT-codes, namen invullen en valuta kiezen. Zo is de betaling voor augustus aan James afgehandeld en die voor september aan de nieuwe eigenaar ook.
 
Tijdens een praatje met een van de bootjongens komt ter sprake dat ze niet zo gelukkig zijn met de nieuwe eigenaar en James missen. Ruz krijgt overigens alle lof.
’s Avonds lees ik verder in een taai boek van meneer Knoops over het recht in een onrechtvaardige wereld. Het boeit me uiteindelijk wel.
 
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Sat, 10 Oct 2026 13:33:23 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Gekke dames&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3590</link>
   <description> 
 
 
Woensdag, 7 oktober 2026
 
 
 
Pangkor
 
 
Het eindeloze repareren van de Fischer Panda is een vorm van zelfkastijding. Automutilatie, autohumiliatie of een mengeling van beide. Na vijf jaar repareren, onderdelen vervangen en telkens denken dat het nu wel goed zal zijn, gooi ik na opnieuw een hele ochtend sleutelen het bijltje erbij neer. Het afscheid is definitief. Ik heb geen goed woord meer over voor dit product. Het is inderdaad een echte panda: die schijnt ook maar één keer per jaar zin te hebben in de seksuele daad. Zo ongeveer de frequentie waarmee dit kreng bereid is te werken. De hele dag geleefd op nieuwe hoop, en ook die is nu kort en klein geslagen. Hij gaat er morgen uit!
 
Tegen drie uur doet mijn hele lijf pijn van het vooroverhangen in de bakskist en het telkens weer opstaan om een ander stuk gereedschap te pakken. Ik besluit het golfen te laten voor wat het is en naar het strand te gaan. Onder een grote zeedruif, waarvan de brede bladeren de zon tegenhouden, lees ik mijn boek en houd ik de omgeving in de gaten. 
 
Een Chinese jongen vangt vis na vis met zijn strandhengel. Een aantal gekke dames bedenkt de vreemdste taferelen voor hun foto’s: rozen in de vloedlijn, opspringen met gekke bekken en hangen aan de takken vlak naast mijn stoel. De apen blijven op afstand, want dit gaat ook hen boven de pet.
 
Bij een lokaal Chinees restaurant eet ik meer dan uitstekend. Ik besluit het voor te dragen voor een Queen B-ster. Dan zijn we meteen van die slappe Michelinbanden af. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Sat, 10 Oct 2026 13:32:43 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Een jaar besparen.&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3591</link>
   <description> 
 
 
 
Donderdag, 8 oktober 2026
 
 
Pangkor
 
 
Opnieuw een slapeloze nacht en tijd genoeg om allerlei scenario’s de revue te laten passeren. De generator uit de bakskist halen en langs het schip drie meter laten zakken zie ik uiteindelijk niet zitten. Ik besluit dat dit een mooi klusje is voor wanneer de Queen B langs een steiger ligt. Dat geeft lucht.
 
Ook de afspraak met Twan voor maandag zeg ik af. Er zijn mogelijkheden en plannen om samen te bespreken, maar het scheelt me een volle dag die ik kan besteden aan dingen waar ik op dit moment achter sta.
 
De lucht is diffuus en de zon komt er maar moeilijk doorheen. Enkele mensen vertellen me dat dit door de bosbranden op Kalimantan en in Zuid-Sumatra komt. De hemel is grijs, de zon getemperd en de lucht benauwd, alsof de warmte onder die grijze deken blijft hangen. Vooral veenbranden schijnen veel rook te geven. Ik hoor verhalen over plekken op Sumatra waar het zicht nog maar vierhonderd meter is. Als ik dat hoor, vraag ik me af hoe onze Nederlandse inspanningen om de CO₂-uitstoot te beperken zich verhouden tot zulke enorme branden. Het voelt alsof wat wij in een jaar besparen, hier in een dag in rook opgaat.
 
Het valt me op dat het enthousiaste Italiaans-Chinese stel minder vaak komt opdagen. Ook bij hen bespeur ik een inzinking. Als ik ze spreek, geven ze toe dat de warmte en de eindeloze hoeveelheid werk hun parten spelen. Ik heb met ze te doen en adviseer hun om af en toe een dag helemaal niets te doen. Een advies dat ik zelf ook wel ter harte mag nemen.
 
Het bed verschonen en op zoek naar een gasveer, die helaas niet op voorraad blijkt te zijn. Het golfen gaat me daarna wonderwel goed af, met een voor mijn doen heel mooi resultaat.
 
Bij de German Bar eet ik een pizza. Daarna duik ik heerlijk onderuit op de bank in de kajuit, waar de airco zijn best blijft doen om de temperatuur op 21 graden te krijgen. Een streven dat voorlopig buiten zijn bereik ligt.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Sat, 10 Oct 2026 13:32:01 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Investeren in avontuur&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3588</link>
   <description> 
 
 
Maandag, 5 oktober 2026
 
 
 
Pangkor
 
 
 
Na een onrustige nacht strompel ik, voor mijn doen veel te laat, uit bed en ga suf achter mijn kopje Nescafé zitten. Ik lees de krant en geniet weer van de rechtlijnigheid en logica van Annemarie van Gaal. Zelf voel ik vooral grote weerstand om iets te doen. “Gelukkig” gaat er telkens iets fout en vormt dat vanzelf het startpunt om toch maar aan de slag te gaan.
 
 
Ditmaal is de slang van de airco uit de emmer geschoten en is de mat doordrenkt met water. Hij ruikt naar een natte hond, dus draag ik de mat opgerold tot een worst in mijn armen naar buiten, wat geen pretje is. Onderweg laat deze ook nog een spoor van water achter. Op de steiger schrob ik de mat met borstel en zeep en spoel met een stevige waterstraal het zand tussen de haren uit. Daarna leg ik hem met de zwarte kunststof onderkant naar boven op de botenkar.
 
Binnen maak ik de luiken onder de mat droog. Meteen wat onnodige troep opruimen, afscheid nemen van overbodige spullen en overhouden wat ertoe doet. Op het dek ontdoe ik de twee patrijspoortjes van overtollige siliconenkit. Er moet nog steeds ergens een lek zitten, maar ik krijg het niet gevonden. In mijn ijver om de raampjes zeker lekvrij te maken, heb ik te veel kit gebruikt. Poetsen, wrijven: de siliconenverwijderaar werkt voor geen meter. Een schraapmes en een borstel geven uiteindelijk het beste resultaat.
 
Met de zwarte onderkant recht in de zon wordt de mat kokend heet. Droog is hij zo, maar wanneer ik hem naar binnen draag, brand ik bijna mijn huid. Een schone binnenkomst, en de geur van natte hond is verdwenen.
Ik voel me niet lekker, maar kan er de vinger niet op leggen. Tijd om rust te nemen. Ik stap in de koele auto en rijd naar het strand, een halfuurtje door een niet bijzonder fraai landschap. Deze kant van Maleisië vind ik wat eentonig: palmbomen, palmbomen en nog eens palmbomen.
 
Aan het strand vind ik mijn rust. Ik heb contact met de mogelijke koper van de Queen B, waarbij uiteindelijk blijkt dat hij nog geen echt plan heeft. Een boot koop je toch met een droom. Je investeert in avontuur, in een doel dat je voor ogen hebt, met een flinke dosis fantasie. Ik vraag hem eerst de voors en tegens op een rij te zetten. We spreken af om elkaar in januari opnieuw te spreken en te ontmoeten.
 
Om eerlijk te zijn: er valt een blok van mijn been. Ik ben blij dat een eventuele overdracht voorlopig helemaal is uitgesteld. Ik voel me weer vrij om niets te doen, of juist iets voor te bereiden. De laatste dagen stonden vooral in het teken van een mogelijk bezoek en het verkoopklaar maken van de boot. Nu is die druk verdwenen.
Daarna spreek ik René, die blij en opgelucht is dat zijn verkoop beklonken is. Een hele lijst met klussen is uiteindelijk meegevallen, al waren er nog onverwachte motorproblemen na alle inspanningen die hij zich daarvoor had getroost.
Een duik in zee spoelt alle trubbels
 van me af. Ik zie de zon langzaam in zee zakken. Veel mensen staan met verrekijkers en zonnebrillen de vertrekkende dag na te staren.
 
In de German Bar neem ik een biertje en een pizza. Daarna voel ik me prima om terug te keren naar de cocon van de Queen B. Daar heb ik tijd voor mijn blog en een boek over het Internationaal Gerechtshof en het Internationaal Strafhof. Je moet toch ergens je spanningen mee kwijtraken.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 11:29:13 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;In de reismodus&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3582</link>
   <description> 
 
Dinsdag, 29 september2026
 
Heusden – Skyhigh
 
Matthé doneert zijn golfstokken en geeft daarmee het einde van zijn carrière als golfer gestalte. Daarna duw ik mijn vader in de rolstoel de Hinthamerstraat op en neer, breng ik Jacqueline enkele spullen en ga ik terug naar Matthé, waar ik mijn bril ben vergeten. Zo krijg je het vanzelf druk. Aan boord tref ik de laatste voorbereidingen, waarna Koen me ophaalt om me naar het station te brengen.
 
En nu begint de reismodus. Kaartje halen bij de automaat, perron uitzoeken, trein nemen. Het Ajaxstadion schuift voorbij en op Schiphol loop ik probleemloos door. Na alle controles naar de lounge om te wachten. Nog wat laatste telefoontjes en dan uitgerust het vliegtuig in. Jammer van de vertraging van drie kwartier, maar die levert uiteindelijk geen problemen op.
Tijdens het diner gaat de avond over in de nacht. Het suizen van het vliegtuig en de draagkracht van de vleugels zorgen ervoor dat ik heerlijk kan wegdutten. Verboden dromen wisselen zich af met de realiteit. Een prima nacht.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:43:38 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Dertien centimeter vis&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3581</link>
   <description> 
 
Zondag, 27 september 2026
 
Heusden
 
Kleinzoon Lux komt op bezoek en dan moet natuurlijk de bijboot het water in. We hebben afgesproken om samen te gaan vissen, en volgens de kenner kan dat het beste vanuit de bijboot. De werphengels gaan mee, maar helaas: er zit blijkbaar geen vis in deze wateren. Geen enkele vis van enige importantie verslikt zich in ons blinkende aas.
 
Dan maar de flessen inleveren voor statiegeld en een maaltijd op tafel zetten. Daarna openen we de jacht opnieuw, ditmaal met de vaste hengel. Lux vangt de eerste vis: zes centimeter. Daarna volgt er nog eentje van zeven centimeter. Dat is samen toch mooi dertien centimeter vis! </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:42:02 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;wat ben ik verknocht aan dit schip&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3584</link>
   <description> 
 
Zondag, 4 oktober 2026
 
 
Pangkor
 
 
Uit een dikke witte wolk stapt een man met een gasmasker. Hij blaast de rook richting de Queen B. Voor de zekerheid sluit ik snel de luiken. Ik vind het een vreemde actie, terwijl er zoveel mensen aan de boten staan te werken. Gilly, de mooie Chinese, is zelfs even uit het zicht verdwenen. Ik hoor alleen wat hoesten. Wanneer de rook optrekt, blijkt ze gewoon door te gaan met haar polyestermengsels. Later hoor ik dat er tegen de denguemug wordt gespoten. Geen prettig bericht, want dat betekent dat ik hier risico loop. Ik vertrouw er maar op dat het zo’n vaart niet loopt.
 
Eindelijk eens goed geslapen en fit genoeg voor het dekwerk. Lekker spoelen met het gechloreerde water — je ruikt het al van een afstand — en schrobben met zeep. Dat haalt een hele hoop bijna onzichtbaar vuil weg. Na drie maanden is het schip langzaam, beetje bij beetje, egaal vuil geworden, zodat het op het eerste gezicht nauwelijks opvalt. Nu oogt het weer schoon, maar er is nog genoeg werk om alle vastgekoekte plekjes weg te krijgen.
De lijnen uit elkaar halen wordt een hele klus, omdat er één verward zit rond de radardome. Met een beetje lassowerk en wat geluk komen de lijnen weer in hun eigen baan en hijs ik de kotterfok en de genua. Een goede actie, want zo krijgt alles meteen een onderhoudsbeurt. Slechte lijnen en eindjes vervang ik. 
 
Ik zou zo weer willen vertrekken. Als de verkoop niet doorgaat, ben ik eigenlijk nog blij ook. Wat ben ik verknocht aan dit schip.
Ik richt de achterkajuit opnieuw in en vind uiteindelijk de fietspomp om mijn fiets klaar te maken. Helaas blijkt ook hier het rubber niet tropenbestendig: de slang verpulvert onder mijn handen. Rond vier uur is het genoeg geweest met klussen en rijd ik naar Mr. DIY voor wat onderdelen. Het stekkerblok is alleen in Maleisische uitvoering verkrijgbaar, dus laat ik het liggen. Later bedenk ik dat ik het misschien toch had moeten meenemen. Met wat wringen zou de Nederlandse stekker er vast in passen.
 
Dan naar de AEON Mall, waar het mij veel te druk is. In de winkels staan lange slierten mensen te wachten om af te rekenen. Dan maar niets. Zonder enige aankoop rijd ik door naar Lumut, waar ik aangenaam verrast word door de verschillende winkeltjes. Ik eet een prima hap bij de Duitse bar, gerund door Chinezen die Guinness tappen. Het moet niet gekker worden.
Op de televisie zie ik onze Max Verstappen eerste worden. Dan ben ik toch weer een volbloed Nederlander, als ik trots tegen de Engelsen zeg: ‘Dat is er eentje van ons!’ </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:39:30 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Sufferd&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3583</link>
   <description> 
 
Zaterdag, 3 oktober 2026
 
 
Pangkor Marina
 
 
Voor mijn gevoel slaap ik een gat in de dag en voel ik me als herboren. Dat wordt al snel tenietgedaan zodra het luik opengaat en een dikke, tropische hittewalm naar binnen glijdt. Mijn huid begint direct te parelen van het zweet, terwijl ik nog niets heb uitgevoerd.
‘Zo, goedemorgen,’ prevel ik tegende grijze wolkenlucht, die ik de schuld geef van de benauwdheid. Ik pak op mijn gemak de krant en bedenk dat ik wel even koffie kan zetten op de inductiekookplaat. Ik vergeet de airco uit te zetten en schakel de kookplaat op 1600 watt. Een harde klap, gevolgd door een brandgeur. Heb ik weer. Sufferd die ik ben. Maar het zet me wel aan het werk.
 
Op zoek naar de kortsluiting. De boordspanning heeft geen krimp gegeven, dus waarschijnlijk is het stopcontact van het verlengsnoer geëxplodeerd. De kuipkist uitladen, draden opzoeken en meteen ook maar de kniekoppeling van het roer maken. Afscheid nemen van de handige transportkar, die inmiddels wel erg aan het roesten is. Vervolgens de vloer schoonmaken met veger en blik.
Ik werp een knipoog naar de kachel, waarvan het brandrooster vervangen moet worden. Maar als ik het nieuwe rooster installeer en de kachel in gebruik neem, weet ik dat de roest weer zal toeslaan. Pas doen als het nodig is. De onderdelen liggen klaar.
 
Al met al laat begonnen, maar daarna in een stevig tempo doorgewerkt. Ik word een beetje duizelig: tijd om te stoppen. Met boek en strandstoel naar het strand, waar ik heerlijk ontspan in het windje van zee. Even ontsnappen aan de benauwdheid aan boord.
Een langdurig gesprek met René. Het verloopt redelijk met de extra reparaties die nodig zijn om de deal verder te beklinken. Lijkt wel goed te komen. Jammer dat we elkaar niet meer treffen, want hij gaat woensdag al naar huis en ik wil nog zoveel doen.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:39:03 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Tropenkolder&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3578</link>
   <description> 
 
Vrijdag, 2 oktober 2026
 
 
Pangkor Marina
 
Het was te verwachten door de jetlag: het is een slechte nacht geworden. Overigens ligt het niet aan de nacht, maar aan degene die door de nacht spookt. Rond halfnegen in slaap vallen, om elf uur klaarwakker liggen, je nog eens omdraaien en vervolgens tot vier uur geen oog dichtdoen. De laatste uren slaap zorgen voor een comateuze beleving van de zonsopgang, met een flinke bui op het dak. We zijn weer in de tropenkolder.
 
Een krantje lezen en de voorgenomen plannen in rook zien opgaan, omdat er geen puf is voor enige activiteit. Toch leg ik mijn boek naast me neer en begin op te ruimen. Het teveel aan kleding alvast in de koffer en de vrijgekomen ruimte anders indelen. Ondanks de airco drupt het zweet via het puntje van mijn neus naar de vloer. Ik begin zelfs te denken dat er ergens een lek is.
 
Met de logica van oude mannen pak ik alles kriskras door elkaar op. Binnen de kortste keren zit ik in de schoenenruimte onder het luik en schakel ik direct door naar de watermaker. Die werkt als een tierelier. Met mineraalwater van de 7-Eleven spoel ik de filters schoon. Alles weer geconserveerd voor enkele maanden.
 
Rusz kondigt de auto aan, zodat de arbeid plaatsmaakt voor de mobiliteit. De auto blijkt in Lumut te worden afgeleverd, waar de documenten worden geregeld en de schade wordt gecontroleerd. Het schadeformulier is te klein voor alle krasjes en deuken, dus zeg ik tegen de dame dat ik ze maar gefotografeerd heb. Dankbaar kijkt ze me aan.
Lunch aan boord en daarna de motor starten. In één klap slaat het gietijzeren paard aan. 
Met bewondering sta ik naar de ijverige Japanner te kijken. Met een waterslang laat ik water in het filter lopen. De motor perst het naar buiten, in de richting van een wonderschone Chinese dame die de hele dag polyester staat te mengen. Illy en Gilly, versta ik als namen. Illy, de Italiaan, staat hier ook al maanden, hem heb ik al eerder gesproken.
 
Ondanks het gebrek aan puf heb ik toch mijn doel voor vandaag gehaald. Ik ga met de auto op stap, op zoek naar een restaurant. Ik beland in een Chinees restaurant waar mama-san de eerste prijs haalt voor het tonen van chagrijn. Het eten is uitstekend, en dat maakt heel veel goed.
 
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:38:39 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Trump-deal&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3579</link>
   <description> 
 
Donderdag, 1 oktober 2026
 
Kuala Lumpur – Pangkor Marina
 
 
Reikhalzend kijk ik tussen de schepen door, op zoek naar een eerste glimp van de trouwe, verlaten Queen B. Trouw en verlaten, die combinatie bezorgt me een schuldgevoel, zeker na de WhatsApp-uitwisseling over een eventuele verkoop van mijn grote liefde. Allerlei gedachten schieten door mijn hoofd. Je verkoopt je liefde toch niet? Of toch wel, als het maar een gunstige Trump-deal wordt? De les van het afgelopen jaar is dat een Trump-deal niet altijd succesvol uitpakt. Ik neem me voor er niet al te veel op te rekenen en gewoon mijn ding te doen. Toch zet het mijn programma op zijn kop.
 
Ik scharrel een ontbijt bij elkaar op een geplunderde ontbijttafel, maar het blijkt niets te kosten. Twee koppen koffie, een stukje kip-rendang en een paar koekjes zijn genoeg om verder te kunnen. De taxi is precies op tijd. Suggesh stapt breed lachend uit om me te verwelkomen en tilt de koffer met een vertrokken gezicht in de kofferruimte. Zo zwaar is die toch helemaal niet? Theater hoort ook bij de show.
 
De Queen B ligt te glanzen en te ‘shinen’. Ik ben aangenaam verrast door hoe ik haar binnen aantref. Geen witte schimmel en een acceptabele geur. Natuurlijk is het na drie maanden zonder luchten een beetje muf, zeker in de tropen, maar voor mij is het goed te doen. Ik haal de trap bij de centrale ruimte weg, breng de koffer aan boord en ga naar Rusz, die naar een ander kantoor is verhuisd.
Adams winkel is verdwenen. Enkele schepen zijn weg, maar er zijn ook andere bijgekomen. Rusz vertelt dat James helemaal niet de eigenaar was, maar gewoon de manager, en dat de ‘landlord’ het management heeft overgenomen. 
Verbazingwekkend hoe mensen door de mand vallen. Ik had altijd gedacht dat James de grote man was, met zijn positieve dedain. Gul en de popi-jopi van de haven, en nu weggestuurd door een andere James. Toeval of niet, ook deze James is een aardige vent en heet me hartelijk welkom. Rusz is de rust zelve en is verguld met het kleine cadeautje dat ik voor haar heb meegebracht.
 
Terug aan boord word ik wat emotioneel en probeer ik mijn plek te vinden tussen de troep en alle veranderingen. Ik voel me hier thuis genoeg om nog even te blijven.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:37:57 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Afscheid&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3580</link>
   <description> 
 
Zaterdag 26 september 2026
 
Heusden
 
Deze dag staat in het teken van een vriendschappelijke afsluiting van tien mooie jaren samen, vol belevenissen tijdens onze vele reizen. Het is jammer dat de liefde voorbij is, maar we spreken af om vrienden te blijven. Tijdens een afsluitend etentje doen we alle markante belevenissen nog eens uit de doeken. Daarna breng ik haar naar huis en rijd ik naar de Vaporetto. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:36:10 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Te klein om een vuist te maken&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3586</link>
   <description> 
 
Zaterdag,   25 juli 2026
 
 
Dinteloord - Willemstad
 
 
Met mooi weer vaar ik de haven uit en maak alles klaar om door de open sluis te varen. Met de wind in de rug gaat het richting de Volkeraksluizen, waar een aangepaste regeling blijkt te gelden. Ik zie de sluisdeuren openstaan en vaar met grote spoed de kolk in, in de veronderstelling dat ik de schutting nog net kan halen.
 
‘We moeten nog een uurtje wachten,’ vertelt de buurman. Vanwege de droogte draaien de sluizen volgens een aangepast programma. Ach, het is mooi weer, we hebben tijd genoeg en het gezelschap is prettig. Alleen jammer dat we onder het viaduct liggen, waar de zon ons niet bereikt. Met een licht gejuich in mijn binnenste zie ik uiteindelijk de deuren dichtgaan. Ondanks het minimale verschil in waterpeil verloopt de schutting uiterst traag.
Buiten de sluis laat ik het zeiltje toch maar liggen: er staat te weinig wind. Ik steek de vaargeul over en wijk even uit om twee grote schepen voor te laten gaan. De AlbinO is te klein om een vuist te maken, dus geef ik de sterkste maar zijn zin.
 
De ligplaats is gereserveerd en eenmaal afgemeerd wordt aan boord, volgens goed gebruik, een ankerborrel genuttigd. Daarna lopen we de stad in. Willemstad kreeg in 1585 stadsrechten, maar valt tegenwoordig onder de gemeente Moerdijk. Toch jammer, zo’n eigenzinnig vestingstadje dat ten prooi is gevallen aan de gemeentelijke herindelingen.
 
De restaurants lijken er gelukkig niet onder te lijden. Op het terras van het Wapen van Willemstad is het heerlijk eten en goed toeven.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:35:26 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Hiken&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3587</link>
   <description> 
 
Zondag, 26 juli 2026
 
 
Willemstad – Dinteloord
 
 
Donkere wolken, flarden regen en een stevige tegenwind: dat ben ik de laatste tijd niet meer gewend. Het weer valt tegen. Aanvankelijk was ik van plan een rondje om Tiengemeten te varen, opnieuw een natuureiland, ditmaal in het Haringvliet, met zoetwatergetijdennatuur en veel ruimte en rust voor vogels. Het komt er niet van, want we moeten om vier uur weer thuis zijn voor de kinderen.
De motor bromt probleemloos en al snel laten we de Haringvlietbrug links liggen. Voor de sluis moeten we lang wachten voordat de deuren opengaan. Met de schutting erbij vliegt er alweer een uur voorbij. Gelukkig maken enkele leuke gesprekken met de buren in de sluis het wachten aangenaam. Ook zij laten de vertraging gelaten over zich heen komen.
Ik vaar buiten de betonning, want inmiddels ken ik de dieptes. Zo kunnen we in een rechte lijn naar de haven, maar ook recht tegen de wind in. Het water spat over het dek tegen de sprayhood en ik kruip lekker in de beschutting, terwijl de stuurautomaat het zware werk doet. Deze keer staat de Manderssluis niet open en moeten we opnieuw schutten. Al met al een goede keuze om direct naar de haven te varen, anders was het programma behoorlijk in de soep gelopen.
Fijn om weer eens een nachtje in die kleine, knusse ruimte door te brengen, zonder alle luxe van de andere schepen. Dit is een vorm van hiken, maar dan op het water. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 13:33:35 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Vervelende week.&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3585</link>
   <description> 
 
Zaterdag, 18 juli 2026
 
 
Dintelmond
 
Eindelijk een moment tussen de bedrijven door. Ik start de motor van de AlbinO en vaar met een zwaai en een draai de haven uit. Samen met een paar andere schepen schuif ik de Manderssluis in. Er wordt geschut om de blauwalg uit het Volkerak buiten te houden, maar ook om het waterpeil in de polder op hoogte te houden vanwege de aanhoudende droogte. Ik vind het best en leg gemakkelijk vast op de middenbolder.
 
In de aanloop naar het Volkerak hijs ik het zeil. Meteen voel ik me weer vrij, met de vrachtvaart in de geul en om me heen de andere zeilschepen. De AlbinO is alleen niet vooruit te branden door de aangroei van al die jaren. Ze moet dringend eens het water uit.
Ik zeil langs de Dintelse Gorzen, het natuurgebied waar zout en zoet elkaar nog ontmoeten. Vroeger lagen hier slikken en schorren, onder invloed van eb en vloed. In de bodem is veel zout achtergebleven, waardoor er nog zeekraal en lamsoor groeien tussen de planten die zich in het zoetere landschap thuis voelen. Lepelaars en zilverreigers zoeken er voedsel, terwijl kiekendieven en buizerds boven de vlakte jagen.
Schotse hooglanders houden het gebied open. Als ik langszeil, staan ze tot hun buik in het water. Ik houd het maar op een knipoog.
 
De vrachtschepen denderen af en aan tussen Antwerpen en Rotterdam. Vlak voor de sluis draai ik om en vaar terug naar de vertrouwde haven. Mijn accu is weer even opgeladen na een onstuimige, vervelende week. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 12:54:03 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Frikandel&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3576</link>
   <description> 
 
 
 
Zaterdag, 27 juni 2026
 
Wessem
 
De Havendagen zijn georganiseerd in Maasbracht en dat is met de bijboot in vol galop prima te bevaren. Een mooie gelegenheid om maatje Kees te bezoeken in zijn Blokhutboot.
 
Een heerlijke koffie en een flinke lading verhalen zorgen voor een fijne glimlach, temidden van de vele zorgen die ik thuis heb. Van de festiviteiten zelf heb ik daardoor eigenlijk niets meegekregen.
 
Jammer, want het was een mooie gelegenheid geweest om getuige te zijn van het braden van de langste frikandel ter wereld: eentje van maar liefst 38,15 meter. Precies de lengte van een spits.
 
Een spits is een relatief klein vrachtschip, dat vroeger bij uitstek geschikt was om op de Belgische en Franse kanalen vracht te vervoeren.
 
Maar er was natuurlijk meer: een selectie van binnenvaartschepen, een muziekprogramma met Wolter Kroes, een tribute en diverse dj’s. Verder waren er een havenfair, braderie, foodtrucks en een bedrijvenmarkt.
De warmte gooide echter wel wat roet in het programma. Daarom werd de starttijd aangepast van 10.00 naar 14.00 uur.
 
Voor mij bleef het bij een bezoek aan Kees, koffie, verhalen en een glimlach. En soms is dat precies wat je op zo’n dag nodig hebt.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Thu, 17 Sep 2026 18:58:52 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Ziekenuis&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3575</link>
   <description> 
Vrijdag, 26 juni 2026
 
Wessem
 
En dan veranderd de tocht van sentiment door de opname van mijn vader in het ziekenhuis. Mijn gedachte en aandacht veranderen plots en rijd natuurlijk naar ’s-Hertogenbosch voor zorg.  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Thu, 17 Sep 2026 18:33:59 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Geest van de angst&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3574</link>
   <description> 
Woensdag, 24 juni 2026
 
 
Wanssum – Wessem
 
 
Vertrekken uit de haven nadat ik nog een praatje heb gemaakt met een paar opvallende mannen die alleen varen. Allemaal hun eigen verhaal. Eén van hen heeft zijn vrouw verloren en is, als een soort huldebetoon en volgens een afspraak die ze samen hadden gemaakt, verdergegaan met hun bootje.
 
Het zijn leuke, maar soms ook schrijnende verhalen van mensen die willen reizen en eindelijk hun eigen leven willen gaan invullen, maar die jarenlang zijn opgehouden door familieomstandigheden of de situatie thuis. De zogenaamde zorgmensen, die altijd klaarstonden voor een ander en nu eindelijk de ruimte krijgen om aan zichzelf toe te komen. Om eindelijk eens gestalte te geven aan de invulling van hun eigen leven.
 
Met de motor in de vrijloop en de boegschroef ter assistentie glijdt de Vaporetto soepel uit haar box en tussen de langliggers door. Het blijft iedere keer weer een mooi gezicht om zo'n groot schip beheerst zijn weg te zien zoeken.
 
Opnieuw volgt een afwisselende tocht, met drie sluizen onderweg. Bij iedere sluis worden we als het ware gadegeslagen door tientallen zwarte zwanen. Ze lijken zich weinig aan te trekken van ons en van de hele scheepvaart die om hen heen plaatsvindt.
 
De temperatuur loopt ondertussen flink op. Ik maak het schuifdak open om wat meer lucht door de stuurstand te laten stromen. René geniet zichtbaar van het varen. Maar volgens mij begint hij vooral te ontdekken dat iedere plek waar je vaart zijn eigen charme heeft.
 
Natuurlijk moet je ooit de andere kant van de wereld zien en meemaken. Maar misschien is het hier bij ons wel net zo mooi als in Verweggistan. Je hoeft soms helemaal niet zo ver weg om iets bijzonders te beleven.
 
Aan de linkeroever begint de Maas plotseling omzoomd te worden door heuvels. De omgeving verandert en je ruikt en voelt bijna dat je richting Duitsland gaat. Het landschap nodigt uit tot mijmeren over de geschiedenis.
 
Langs de Maas zien we de oude kazematten. Ik probeer me voor te stellen hoe het hier vroeger geweest moet zijn. Hoe bang zullen de soldaten zijn geweest als de vijand de Maas overstak? Soldaten die wisten dat terugschieten misschien betekende dat ze hun eigen dood tegemoet gingen.
Een eenvoudig betonnen hok, met een smalle schietpijp gericht op de Maas. Meer was het soms niet.
 
Ik voel de geest van de angst die daar ooit moet hebben gehangen.
 
In Wessem zoeken we vervolgens onze weg naar restaurant The Beacon, van neefje Ruben. Alhoewel, neefje… Ruben is inmiddels een kop groter dan ik en bovendien vele malen sterker. Dat maakt het toch wat ongemakkelijk om hem nog steeds zo te noemen.
Ruben heeft samen met zijn partner Nathalie het lef gehad om een heus restaurant te pachten en te exploiteren, met een bijzondere formule. Op de kaart staan verschillende kleine gerechten, zodat je meerdere smaken kunt proberen. De kwaliteit is prima en de prijzen vind ik opvallend redelijk. Een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding.
Ook de wijnen zijn wat mij betreft veel te goedkoop. Ik raad ze dan ook aan daar wat meer van te maken. Goede wijn mag best wat meer kosten en kan bovendien een mooie aanvulling zijn op hun formule.
We eten met z'n drieën en hebben aan tafel een heerlijk gehoor aan maître Ruben, die de verhalen vanaf de boot met zichtbaar plezier aanhoort.
 
Het is zo'n avond waarop familie, varen, eten en verhalen vanzelf in elkaar overvloeien. En eigenlijk is dat precies waar deze reis voor bedoeld is. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Thu, 17 Sep 2026 18:27:59 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Water genoeg.&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3573</link>
   <description> 
 
Maandag, 22 juni 2026
 
Maasbommel – Wanssum
 
In de ochtend breng ik Jacqueline naar de wal en vaar daarna met de bijboot een lekker vaartje over de zo mooie plassen. Weinig wind, de bijboot in plané. Hoe mooi kun je het hebben? Stil genieten, met alleen het aangename gesnor van de buitenboordmotor op de achtergrond.
Totdat, dat stille genieten wreed wordt verstoord door een hevig zwaaiende politieman die mij probeert aan te houden.
 
In eerste instantie denk ik met een enthousiaste medeschipper te maken te hebben en zwaai vrolijk terug. Ik heb thuis geleerd om vooral vriendelijk te zijn. Helaas wordt mijn vriendelijke gebaar door de heren van de politie heel anders opgevat. Het drietal voelt zich duidelijk genegeerd. Waar ik het lef vandaan haal om hen zo in de maling te nemen, vragen ze zich af. Dat was natuurlijk helemaal niet mijn bedoeling.
Vervolgens krijg ik een hele reeks reprimandes over me heen: te snel varen, geen reddingsvesten, geen gebruik van de dodemansknop, geen kenteken op de zijkanten en dan ook nog geen brandblusser aan boord. Daar komt bij dat ik mijn kentekencertificaat voor een snel vaartuig niet bij me heb.
 
Elke smoes die ik probeer om mijn gedrag te verklaren, wordt vakkundig door de agent neergesabeld. Ik geef uiteindelijk maar toe, maar dat blijkt voor de leidinggevende nog niet voldoende. Voor ieder afzonderlijk punt moet ik een verklaring geven. Het zijn nu eenmaal de regels, wordt mij duidelijk gemaakt.
Toch blijft die brandblusser me dwarszitten. Een brandblusser aan boord van een rubberboot vind ik toch wel wat vreemd. Je hebt tenslotte water genoeg om te blussen.
 
Later slik ik al mijn tegenwerpingen maar in. Ik merk dat ik het allemaal alleen maar erger maak en zeg dat ik verder niets meer te verklaren heb. De boete zie ik wel tegemoet. Want als je geschoren wordt, moet je stil blijven zitten.
Met René haal ik het anker op en varen we rustig en met gepaste snelheid de Gouden Ham uit, richting de Maas. We draaien linksaf en varen tegen de stroom in. Al snel ben ik de vervelende ochtend alweer vergeten. De watervogels trekken zich immers van geen enkel gebod iets aan en voelen zich daar uitstekend bij. Bovendien zijn sommige van hen zelfs beschermd.
 
Bij de sluis meren we aan om de tijd af te wachten voor de volgende sluisgang. Het traject tot Mook is bekend terrein. Op de kaart zie ik de dorpjes en jachthaventjes voorbijschuiven en herken ik steeds meer van de omgeving.
Later vertel ik een van mijn zonen over mijn onhandige politieoptreden. Hij reageert tot mijn verbazing met enige trots: zelfs hij heeft het nog nooit voor elkaar gekregen om in zo'n korte tijd zoveel overtredingen bij elkaar te verzamelen.
 
Tja, waar moet je trots op zijn?
Het bezorgt me in ieder geval een glimlach. Toch beloof ik mezelf plechtig om het de volgende keer wat beter aan te pakken.
In Wanssum is het nog even krap manoeuvreren, maar al snel liggen we comfortabel aan de wal. Jacqueline meldt zich met de auto en in de avond maken we nog snel een autowissel.
Langzamerhand voelt het steeds meer als vakantie. Tussen al die verschillende bootjes in de jachthaven hangt een ontspannen sfeer. De hectiek van de ochtend lijkt alweer ver weg. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Wed, 16 Sep 2026 19:51:02 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Ondeugend&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3572</link>
   <description> 
 
Vrijdag, 19 juni 2026
 
Kerkdriel. -  Maasbommel
 
 
In de ochtend gaan we verkassen en vinden we een mooie, rustige plek aan het einde van de zandmeren. Met de bijboot varen we de plassen over om bij Dirk, mijn oudste zoon, een kopje koffie te drinken. Maar net als we aankomen, stapt Dirk in zijn zeilbootje. René vaart graag een stukje met hem mee.
Op de plassen geldt voor de bijboot een maximumsnelheid van 9 kilometer per uur. Door de enorme weidsheid van het water lijkt die snelheid een beetje onzinnig. Ik kan het dan ook niet laten om een beetje ondeugend te zijn en de gashandel wat verder open te draaien. Opvallend genoeg zijn de hekgolven bij het sneller varen zelfs kleiner dan wanneer ik de gashandel ingehouden houd.
In de middag zwemmen we wat en tegen de avond ga ik met de bijboot op pad om mijn netje uit te zetten, in de hoop een paar rivierkreeftjes te vangen. Daarna zorgt de barbecue voor een smakelijke hap.
Zo genieten we van het leven aan boord. Ons huis drijft, en eerlijk gezegd voel ik me daar behoorlijk gelukkig mee.
 
 
In de ochtend gaan we verliggen en liggen op een mooie rustige plek op het einde van de zandmeren. Met de bijboot varen we de plassen over om bij Dirk mijn oudste zoon te zien voor een kopje koffie maar Dirk stapt net in zijn zeilbootje waar Rene graag met hem meevaart. De plassen hebben een maximum snelheid voor de bijboot van 9 kilometer per uur maar dat likt vanwege de weidsheid onzin zodat ik het niet kan laten om wat ondeugend te zijn en de gashandel wat verder opendraai. De hekgolven zijn met het snelvaren minder dan met de ingehouden gashandel.
 
In de middag zwemmen en ga met de bijboot in de avond mijn netje zetten in de hoop wat rivierkreeftjes te vangen. De Barbecue zorgt voor de smakelijke hap en voel me wel gelukkig met het leven aan boord als huis.
  </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 07 Sep 2026 18:46:11 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Povere Communicatie&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3571</link>
   <description> 
 
Donderdag, 18 juni 2026
 
 
Kerkdriel – Maasbommel
 
 
Het blijft een prettige, afwisselende tocht om van Kerkdriel naar Maasbommel te varen. Op dit traject wordt goed zichtbaar hoe de rivier de Maas in de loop der jaren is veranderd in een soort watersysteem. De weilanden en plassen langs de rivier dienen als waterbergingsgebieden, terwijl langs de oevers smalle stroken zijn aangelegd waar vogels rustig kunnen broeden, zonder al te veel last te hebben van de scheepvaart.
 
We varen langs Euroship Services, waar prachtige schepen worden gebouwd en waar ook de basis ligt van de Blokhutboot. Jammer dat Kees niet aanwezig is. We varen met zo'n 1800 toeren rustig verder, richting de stuw.
René staat als een volleerd stuurman op de brug van de Vaporetto. Langzaam maar zeker voel ik me steeds meer één worden met de boot. Het zachte gesnor van de motoren heeft iets rustgevends en maakt me bijna slaperig, maar natuurlijk blijf ik goed wakker. Er is onderweg genoeg te zien.
 
Op de plassen van Maasbommel, De Gouden Ham, zoeken we het ankergebied op. Al snel liggen we voor anker en genieten we met een lekker ankerbiertje van de omgeving. De Gouden Ham is een groot plassengebied dat is ontstaan door zandwinning en via een open verbinding in contact staat met de Maas.
 
Het liggeld moet tegenwoordig met de Aan/Uit-app worden betaald. Het wordt allemaal steeds onpersoonlijker. Want waar is de charme gebleven van een leuke havenmeester? De één die wat mopperend je liggeld kwam innen, de ander die juist vriendelijk een praatje met je maakte. Nu is het slechts een piepje op je telefoon ten teken dat het liggeld is betaald.
 
Povere communicatie, zal ik maar zeggen. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Mon, 07 Sep 2026 18:28:39 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Lach en een traan&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3570</link>
   <description> 
Woensdag, 17 juni 2026
 
Kerkdriel.
 
Vandaag ga ik bij mijn vader langs, onze Rolling Stone, om hem wat op te beuren en te proberen de juiste zorg voor hem te vinden. Ook hier is het weer met een lach en een traan proberen er het beste van te maken.
René vliegt ondertussen de bureaucratie aan: een nieuw paspoort, inschrijven als woonachtige in Nederland, de kleine lettertjes ontcijferen van de pensioenfondsen en de AOW-regeling.
 
Rond twee uur ben ik terug aan boord. Ik gebruik de polyester reparatiedoos om de bijboot te repareren en lijm meteen ook de deurklink vast die er telkens uitvalt. Daarna varen we met de bijboot naar een strandje om te zwemmen en te barbecueën. Een eenvoudige manier om de afgelopen dagen, ieder met zijn eigen zorgen, een beetje te verwerken.
De Cobb werkt met een soort steen van geperste kokosvezels: verkoold en samengeperst. De gaatjes in het blok werken als schoorstenen en geven een intense warmte zodra het eenmaal begint te gloeien. Een prachtige uitvinding. Zo simpel, maar toch ingenieus.
Een knap staaltje samenwerking tussen de maker van de barbecue en de maker van de brandstof. Ik heb begrepen dat kokosvezels eeuwenlang als waardeloos restproduct werden weggegooid en nu als waardevol materiaal een tweede leven krijgen.
 
De Cobb werd bedacht door Ken Hall in Zuid-Afrika, oorspronkelijk zelfs met maïskolven als brandstof. De latere CobbleStone lijkt geen losse uitvinding van Ken Hall zelf te zijn, maar een doorontwikkeling van het Cobb-systeem: een speciaal voor de Cobb gemaakte kokosbriket, waarschijnlijk in samenwerking met of door een gespecialiseerde brandstofproducent in India. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Wed, 02 Sep 2026 18:20:42 GMT +0200 </pubDate>
  </item>
  <item>
   <title>&#60;h1&#62;Goed afgelopen&#60;/h1&#62;</title>
   <link>https://queenb99.nl/article-3569</link>
   <description> 
Dinsdag, 16 juni 2026
 
 
Heusden – Kerkdriel
 
 
De afgelopen dagen werden gekenmerkt door veel spanningen aan boord. Veel vragen moesten worden beantwoord, vragen die het leven ineens in een ander daglicht zetten.
Ook mijn vader valt telkens. Hij bezweert bij hoog en laag dat hij niet is gevallen, maar is uitgegleden. Het resultaat is jammer genoeg hetzelfde, want gekneusde ribben houden geen rekening met de definitie van vallen of uitglijden. Blauwe plekken, bloedverlies, maar ondertussen een onverwoestbaar goed humeur voor de dames die hem verzorgen.
 
Voor wat afleiding, en om de zorgen een plaats te geven, besluit ik naar Kerkdriel te varen. Na twee uurtjes varen over de Maas lopen we de Kerkdrielse Zandmeren binnen. Helaas is er geen plek op de vaste ligplaats, maar Van Gent Watersport doneert zijn gastensteiger. Een mooie plek, met het telefoonnummer om je aan te melden keurig in het zijraam.
 
René komt aan boord. We bespreken de dagelijkse beslommeringen en zijn verzameling spullen voor de boot in Tunesië, wanneer Jacqueline zich plotseling niet lekker voelt.
Wat te doen? Even aankijken, maar ook geen tijd verliezen. Bloeddruk opnemen en hartslag vaststellen. De verschillende combinaties doen bij mij de alarmbellen rinkelen. Ik bel de huisarts, die meteen de ambulance laat komen.
 
En dan gaat alles in een stroomversnelling. Opname, controles, medicatie, gesprekken en uiteindelijk rond 23.00 uur het sein veilig. Een ongelukkige Jacqueline in de auto, die tegelijk gelukkig is dat ze weer naar huis mag.
Voor mij is het wel duidelijk: als er iets aan boord gebeurt, heeft dat dezelfde impact als een gebeurtenis thuis. Met dank aan de adequate opvang van het havenpersoneel, maar vooral aan de bewonderenswaardige professionaliteit van de ambulancemensen. Zij weten met een rollend bed over de steigers hun weg te vinden, verlenen ondertussen eerste hulp en stellen de patiënt ook nog op haar gemak.
Al met al is het weer goed afgelopen. </description>
   <category>Logboek 2026</category>
   <pubDate>Wed, 02 Sep 2026 10:40:46 GMT +0200 </pubDate>
  </item>

 </channel>
</rss>
